Van Gogh (1853-1890)

De roeping van Van Gogh

Van onze redactie
 
“Het vriest hier flink en op het land ligt nog altijd sneeuw, ik heb een studie van een wit landschap met de stad op de achtergrond. Verder 2 kleine studies van een amandeltak die desondanks al in bloei is.”  Schrijft de Hollandse kunstschilder Vincent van Gogh (1853-1890) in het koude vroege voorjaar van 1888 vanuit Zuid-Frankrijk (zie de eerste afbeelding). Het voorjaar van 1888 staat voor Van Gogh in het teken van hoop. Het vertrouwen in de toekomst als gerespecteerd beeldend kunstenaar begint voorzichtig gestalte te krijgen...

Vincent van Gogh, Bloeiend Amandeltakje in een glas, 1888, olieverf op doek, 24 x 19 cm, Van Gogh Museum, Amsterdam
Vincent van Gogh, Bloeiend Amandeltakje in een glas, 1888, olieverf op doek, 24 x 19 cm, Van Gogh Museum, Amsterdam

Na een zoektocht die jarenlang duurde, waarin hij van de ene teleurstelling in de andere leek te vallen, lijkt hij ook eindelijk zijn roeping te hebben gevonden. Hij krijgt nu daadwerkelijk het gevoel dat hij wat kan gaan betekenen in de moderne kunst. In februari van dat jaar verhuisde Van Gogh naar Arles. Hij had zich voorgenomen om een dertigtal schilderijen van hoge kwaliteit te bewaren om deze gezamenlijk te kunnen tonen. Daarom wil hij bewust tijdelijk geen werk verkopen. Geïnspireerd door het landschap van Arles schildert hij fruitbomen, die in bloei staan. En een paar maanden later schildert hij goudgele korenvelden en zijn beroemde serie zonnebloemen. Bovendien had hij de hoop dat andere kunstenaars naar Arles zouden komen om zich daar te vestigen, om daar hun kunstenaarschap in zijn bijzijn voort te zetten. Twee jaar eerder in Parijs, was hij immers bevriend geraakt met kunstenaars als Georges Seurat, Paul Signac, Henri de Toulouse Lautrec en Paul Gauguin, kunstenaars die gerekend worden tot het pointillisme en/of het postimpressionisme. Gauguin zou zich in oktober 1888 overigens ook daadwerkelijk bij hem voegen in Arles. Van Gogh was verheugd en hing twee van zijn zonnebloemenschilderijen in het vertrek van Gauguin. Niet alleen ter decoratie, maar daarmee ook Gauguin uitdagend, die hij diep bewonderde, om aan te tonen dat hij artistiek gezien aan hem gewaagd was. Tot dan toe lijkt het er op dat alles voorspoedig zal verlopen.

Vincent van Gogh, Zonnebloemen, 1889, olieverf op doek, 95 x 73 cm, Vincent van Gogh Museum, Amsterdam
Vincent van Gogh, Zonnebloemen, 1889, olieverf op doek, 95 x 73 cm, Vincent van Gogh Museum, Amsterdam

VAN KUNSTHANDELAAR TOT EVANGELIST TOT KUNSTENAAR

Van Gogh was de oudste zoon van predikant Theodorus van Gogh en Anna Cornelia Carbentus. Samen met zijn drie zussen en twee broers genoot hij een fijne jeugd. Het enige opvallende is zijn schoolcarrière, waarin hij niet langer dan twee jaar op dezelfde school doorbrengt. Als hij zestien jaar oud is, gaat hij werken bij de Haagse vestiging van de Franse kunsthandel Goupil & Co. Ook zijn vijf jaar jongere broer Theo treedt daar later in dienst. Hun oom Vincent is zakenpartner van deze kunsthandel. Als Van Gogh in 1874 naar Parijs gaat, in opdracht van Goupil, besluit hij echter dat hij geen kunsthandelaar wil worden. Zijn interesse in godsdienst groeide aanzienlijk en mondde uit in de vurige ambitie om predikant te worden, net als zijn vader. Toen hij in 1876 terugkwam in Nederland, nam hij privélessen, om tot de theologiestudie aan de universiteit te kunnen worden toegelaten. Maar het lukte hem niet om dit tot een goed einde te volbrengen. Hij volgde enkel de korte opleiding tot evangelist. In de mijnstreek Borinage in België ging hij als evangelist aan het werk. Maar in 1879 werd zijn aanstelling niet verlengd. Er volgt een periode van wanhoop voor Vincent. Hij trekt zich terug, niet meer wetend welk nut hij zou kunnen hebben voor de mensheid. Zijn broer Theo raadde hem aan om kunstenaar te worden. Op zich was dat een opmerkelijk advies. Niemand wist nog af van zijn artistieke gaven, zelfs Van Gogh zelf niet. Maar zodra hij deze raad opvolgt, doet hij dit gepassioneerd als ware het zijn roeping. Zijn broer steunt hem daarbij de rest van zijn leven. In Brussel gaat de nieuwbakken kunstenaar naar de kunstacademie, welke hij echter na enkele maanden alweer verlaat, en hij raakt er bevriend met kunstenaar Anthon van Rappard.
 

Vincent van Gogh, De aardappeleters, 1885, olieverf op doek, 82 x 114 cm, Vincent van Gogh Museum, Amsterdam
Vincent van Gogh, De aardappeleters, 1885, olieverf op doek, 82 x 114 cm, Vincent van Gogh Museum, Amsterdam

TEKENLESSEN BIJ MAUVE EN STUDEREN AAN DE ACADEMIE VAN ANTWERPEN

In 1881 legt Van Gogh zich hoofdzakelijk toe op technische oefeningen in het tekenen. In Den Haag krijgt hij scholing in tekenen en schilderen van de bekende kunstschilder van de Haagse school Anton Mauve, tevens zijn aangetrouwde neef. Maar ze kunnen niet goed met elkaar opschieten, en de lessen blijven tot slechts een klein aantal beperkt. Twee jaar later vertrekt Van Gogh naar Drenthe, zoals Van Rappard en Mauve eerder gedaan hadden. Maar na drie maanden houdt hij het voor gezien, omdat hij er moeilijk aan materiaal en modellen kan komen. Hij gaat weer bij zijn ouders in Nuenen wonen, vlakbij Eindhoven. Daar geeft hij gehoor aan zijn ambitie om meer te schilderen. Zijn grootste inspiratie in de schilderkunst is de Franse kunstenaar Jean-François Millet, die tot de School van Barbizon wordt gerekend. Deze schilderschool staat er om bekend dat de kunstenaars schilderden in de vrije natuur en bij voorkeur het leven op de boerderij verbeelden. Het boerenleven spreekt Van Gogh thematisch en visueel zeer aan. Hij stort zich op het schilderen en tekenen van boeren, arbeiders en wevers. Boerse koppen en knuisten, boeren werkend in het veld, hij maakte er talloze studies van. Zijn ijver resulteert in 1885 in het befaamde schilderij De aardappeleters (zie afbeelding hierboven). Dit werk, dat als een van zijn meesterwerken wordt beschouwd, heeft hij voornamelijk weten te maken door veel oefening en grote zelfdiscipline. Toch blijft hij naar een echte kunstvakopleiding verlangen. In datzelfde jaar vertrekt hij naar Antwerpen en hij gaat daar naar de academie. De opleiding bood hem echter niet wat hij verwacht had. In de musea raakt hij onder de indruk van het kleurgebruik en de hantering van het penseel van de Vlaamse barokschilder Peter Paul Rubens en van de Japanse prentkunst.
 

Vincent van Gogh, Vissersboten op het strand van Les Saintes-Maries-de-la-Mer, 1888, olieverf op doek, 65 x 81.5 cm, Vincent van Gogh Museum, Amsterdam
Vincent van Gogh, Vissersboten op het strand van Les Saintes-Maries-de-la-Mer, 1888, olieverf op doek, 65 x 81.5 cm, Vincent van Gogh Museum, Amsterdam

PARIJS - KENNISMAKING MET HET IMPRESSIONISME – VESTIGING IN ARLES

In 1886 gaat Van Gogh bij zijn broer Theo in Parijs wonen, die daar werkt in een dependance van kunsthandel Goupil. Dit verblijf bij zijn broer is cruciaal voor zijn verdere carrière. Zijn schilderstijl maakt hier een grote ontwikkeling door. Het donkere palet, zoals we dat kennen van De aardappeleters, maakt plaats voor een levendig, helderder kleurgebruik. Dit kwam vooral omdat hij de impressionisten en postimpressionisten via zijn broer leerde kennen. Daarnaast bleef Van Gogh de Japanse prenten bestuderen. Hij had niet alleen een eigen stijl ontdekt, maar kende bovendien de jongste ontwikkelingen in de schilderkunst.
Dit is het moment waarop hij vertrekt naar Arles in Zuid-Frankrijk, in 1888. Het begint tot hem door te dringen dat hij, met de authentieke schilderstijl die hij ontwikkeld heeft, een verschil kan maken in de moderne kunst. Zijn schilderstijl wijkt namelijk af van die van de impressionisten. Het gaat hem niet om het schilderen naar de waarneming, maar hij wil zichzelf krachtig uiten door middel van kleur. Bewust gebruikt hij sterk met elkaar contrasterende kleuren, zoals rood en groen, die hij energiek en pasteus op het doek aanbrengt. Zijn vormentaal is krachtig en expressief.
 

PSYCHOTISCHE AANVALLEN EN EEN KLEIN BEETJE ERKENNING

Van Gogh wijdt zich nu volledig aan de schilderkunst, zoals hij zich eerder op de godsdienst toelegde als evangelist. Hij is bevriend met belangrijke schilders van het impressionisme in Parijs, en weldra zullen verscheidene kunstenaars hem misschien wel vergezellen in Arles. Hij is bijna klaar om een indrukwekkende collectie kunstwerken aan de buitenwereld te tonen. Tragisch genoeg mogen deze hoopvolle visioenen niet uitkomen voor Van Gogh. Het noodlot slaat toe, als hij onverwachts psychotische aanvallen te verduren krijgt. Tijdens een van die aanvallen, snijdt hij in wanhoop zijn linkeroorlel af. Het schilderij Zelfportret met verbonden oor, schildersezel en Japanse prent vormt een blijvende herinnering aan dit trieste incident.
Van Gogh laat zich vervolgens vrijwillig opnemen in de inrichting van Saint-Paul-de-Mausole. Daar schildert en tekent hij in de tuin. Zijn kleurgebruik versobert enigszins. Maar ondanks dat hij in een gesticht zit, boekt hij nog wel enig succes. Op de vijfde tentoonstelling van de Societé des Artistes Indépendants wordt een aantal werken van hem getoond, alsook ook op een tentoonstelling van de Belgische avant-gardistische kunstenaarsgroep Les Vingt. De criticus Albert Aurier schrijft in 1890 positief over zijn werk.
 

Vincent van Gogh, Korenveld met kraaien, 1890, olieverf op doek, 50.5 x 103 cm, Van Gogh Museum, Amsterdam
Vincent van Gogh, Korenveld met kraaien, 1890, olieverf op doek, 50.5 x 103 cm, Van Gogh Museum, Amsterdam

HET EINDE - AUVERS SUR OISE

In datzelfde jaar verlaat Van Gogh de inrichting, om te verhuizen naar Auvers sur Oise, waar hij in een razend tempo ontzettend veel schilderijen en tekeningen maakt. Een van die werken is het beroemde schilderij Korenveld met kraaien, dat tekenend is voor zijn toestand vlak voor zijn dood. Hij komt echter de ongelukkige wending in zijn leven niet meer te boven. De lovende kritiek uit de pers laat hem koud. Op 27 juli 1890 schiet hij zichzelf in de borst. Twee dagen later sterft hij. De indrukwekkende briefwisseling, die hij met zijn geliefde broer Theo had sinds augustus 1872, is bewaard gebleven. Vierentwintig jaar later, als het oeuvre van Van Gogh zijn volledige erkenning krijgt, worden de brieven gepubliceerd.
In Nederland is een museum geheel aan de kunstenaar gewijd: het Van Gogh Museum in Amsterdam. Dit museum bezit ‘s werelds grootste collectie werken van de hand van Van Gogh. Het museum trekt maar liefst anderhalf miljoen bezoekers per jaar en is daarmee een van de drukst bezochte kunstmusea ter wereld. Van Goghs bevlogenheid, weerbarstigheid en levensverhaal maakt ook internationaal diepe indruk. Vincent van Gogh is bovendien het prototype van de mythe, dat de echte kunstenaar pas bekend wordt na zijn dood.