Fra Angelico (1395-1455)

Van onze redactie

Fra Angelico trad als geschoolde kunstschilder toe tot het Dominicaner klooster van Fiesole, gelegen bij Florence in 1418. Omstreeks 1436 verhuizen de monniken naar het kloostercomplex San Marco te Florence, dat hen door Cosimo de' Medici was geschonken. Religieuze toewijding is voelbaar in het gehele oeuvre van Fra Angelico. De wijze waarop hij de vroomheid van de heiligen tot uitdrukking wist te brengen en de heerlijkheid van de heilige maagd Maria, maakte hem al beroemd tijdens zijn leven. Het levert hem in 1469 zijn naam 'Angelico' op wat 'de engelachtige' betekent, daarvoor heette hij als monnik simpelweg Fra Giovanni (broeder Johannes).

Fra Angelico, San Marco altaarstuk,1438-1440, tempera op hout, 220 x 227 cm, Museo di San Marco, Florence
Fra Angelico, San Marco altaarstuk,1438-1440, tempera op hout, 220 x 227 cm, Museo di San Marco, Florence

Fra Angelico wordt beschouwd als de belangrijkste kunstenaar van de eerste generatie renaissance kunstenaars van Florence. In zijn werk is de invloed zichtbaar van het frontale perspectief, zoals dat werd toegepast door Masaccio, naast het realisme van de kunstenaar Giotto. Omstreeks 1440 past Fra Angelico niet meer de egaal gouden achtergrond toe, zoals in de middeleeuwse gotiek gebruikelijk was, zoals bijvoorbeeld te zien is in het werk van Cimabue. In plaats daarvan vormen landschappen vanaf dat moment de achtergrond van zijn religieuze taferelen. Omstreeks dezelfde tijd begint Fra Angelico ook taferelen te schilderen, die men aanduidt als 'Sacra Conversatione'. Het gangbare triptiek van het altaar wordt daarbij vervangen door slechts één altaarstuk waarop de Madonna met kind samen met de heiligen worden afgebeeld. Een voorbeeld daarvan is een altaarstuk, dat Fra Angelico schilderde voor de San Marco te Florence. De Heiligen staan in een perspectivische ruimte zo gegroepeerd alsof ze met elkaar staan te praten over hun gemeenschappelijke ervaring dat ze de heilige maagd in al haar glorie kunnen aanschouwen. Het lijkt zich niet in de hemel af te spelen, maar in een gewone aardse ruimte. Dergelijke heilige conversaties zouden een thema worden in de religieuze schilderkunst van de renaissance en werden later veelvuldig in opdracht geschilderd door kunstenaars als Perugino, Andrea MantegnaGiovanni Bellini en Rafaël. Fra Angelico schilderde ruim veertig fresco's over het leven van Jezus voor het San Marco klooster. Daarnaast schilderde hij in opdracht van paus Eugenius IV fresco's uit het leven van Stephanus en Laurentius voor de Cappella Nicolina in het Vaticaan. Samen met zijn leerlingen Benozzo Gozzoli en Zanobi Strozzi realiseerde hij in opdracht van paus Nicholaas V enkele fresco's voor de kathedraal van Orvieto. De eenvoud van de composities, die kenmerkend is voor het werk van Fra Angelico, beïnvloedde vele kunstenaars na hem, onder wie Piero della Francesca, maar ook de Engelse romantische kunstenaarsbeweging van de Prerafaëlieten uit de negentiende eeuw.
Tussen 1450 en 1452 is Fra Angelico overste van het San Domenico klooster te Fiesole, daarna verhuist hij naar een klooster in Rome, waar hij in 1455 komt te overlijden. Tegenwoordig geniet de kunstenaar een bijzondere status binnen de Rooms Katholieke kerk. Paus Johannes Paulus II heeft hem in 1982 zalig verklaard en hem tegelijkertijd tot patroonheilige bestempeld van alle katholieke kunstenaars. Hij ligt begraven in de Santa Maria sopra Minerva basiliek te Rome.